Links     Contact     Sitemap    
 Soorten

Als je in de winkel rondloopt, dan zie je verschillende soorten honing staan. Soms is de honing vast en soms is hij vloeibaar. Je ziet ook allerlei namen staan op de
honing: “klaver” bijvoorbeeld of “berghoning”. Welk verschil is daar nu eigenlijk in?

Vaste en vloeibare honing. Wanneer honing uit de celletjes van de raat komt, is hij altijd vloeibaar. Als je de honing enige tijd laat staan, kristalliseert hij. Eenmaal de honing gekristalliseerd, is hij vast en kan je de honing smeren.
Vaste en vloeibare honing zijn dus even natuurlijk en voedzaam.

 

 

 

 

 

Honing van één bloem, of van verschillende bloemen. Wij weten nu dat de honing van de nectar komt en dat de nectar uit de bloemen komt. Het is dus verstaanbaar dat de honing een beetje smaakt en ruikt zoals de bloemen waarvan hij afkomstig is.
Als de bijtjes nu maar één soort bloemen bezocht hebben, omdat er geen andere soorten in de omgeving waren, dan zal de honing altijd de geur en de smaak hebben van dat soort bloemen. Wanneer de linde bloeit in het voorjaar en er staat een kast met bijen tussen die lindebomen, dan zal de honing die daarvan afkomstig is naar de linde smaken. De honing heet dan: lindehoning. De naam van de bloem wordt er bij geschreven.

 

 

  

Als de korven in de bergen hebben gestaan en de honing afkomstig is van bloemen die enkel in de bergen bloeien, dan zal er “berghoning” staan. De naam van de plaats wordt er bij geschreven.
Als de bijtjes de honing van verschillende bloemen hebben gehaald dan zal men eenvoudigweg “honing” zeggen.

Kleur en smaak van honing. Wij weten nu dat alle honing niet gelijk smaakt omdat hij niet altijd van dezelfde bloemen komt. Zo is er honing met zachte en met sterke smaak. En ook de kleur van de honing is verschillend. Het gaat van lichte bijna witte honing tot donkere, bijna zwarte honing.

 

Meestal is het zo dat lichte honing een zachte smaak heeft en donkere een sterke smaak.

 

 

 

  

Smeerbaarheid van honing. Wanneer we honing op onze boterham willen smeren, dan kiezen we vaak voor vaste honing. Belangrijk is dan dat de honing niet te hard is, dat hij gemakkelijk open smeert, ook op vers brood.

Daarvoor moeten de honingmakers zorgen dat de honing “fijnkristallig” is. Dit betekent dat de oorspronkelijk vloeibare honing kristalliseert in heel kleine fijne kristallen. En niet in grote grove kristallen die hard en onaangenaam zijn om te eten.

Goede lekkere vaste natuurhoning is zo fijn gekristalliseerd, dat hij open smeert als boter.

 

 

Tips en weetjes over honing

  • Honing die gekristalliseerd is, zal weer vloeibaar worden als men deze in warm water plaatst, gedurende een zekere tijd.

     

  • Op vaste honing kan na zekere tijd een bruin laagje komen. Dat laagje is gewoon afgesmolten honing omdat de bokaal te warm heeft gestaan. De honing kan nog gebruikt worden, gewoon door alles even door elkaar te roeren.

     

  • Soms zie je witte vlekken en strepen
    aan de zijkant van een bokaal vaste honing. Het lijkt op schimmel. Dat is niets anders dan een foutje in de kristalstructuur. Met de honing is niets aan de hand, hoogstens is hij wat hard en moeilijk open te smeren.

     

  • Mineralen in de honing, kunnen ervoor zorgen dat de thee, waarin je die honing hebt gegoten, donker kleurt. Voeg een druppel citroensap toe aan de thee en alles wordt weer helder.

 

 |  Copyright 2012 by Meli  | Gebruiksovereenkomst | Privacybeleid Created by NiSH