|
De bijen werken hard en hebben dus stevig en goed voedsel nodig.
Als je op een mooie zomerdag een bijtje ziet rondvliegen in de tuin, dan mag je er zeker van zijn dat het bezig is
Zo zuigt het nectar uit de bloemen en neemt tezelfdertijd ook stuifmeel mee.
Nectar is een zoet sap dat je in bloeiende bloemen vindt. De bijtjes kruipen helemaal in de bloem om een beetje sap op te zuigen en in hun honingmaag te bewaren. Dat doen ze vele honderden keren na elkaar, elke keer in een ander bloempje. Daarmee vliegen ze dan terug naar hun kast en geven de nectar af aan de andere werksters. Deze leggen de nectar in de celletjes. Maar er zit nog te veel water in de nectar. Om het water te verdampen, klapperen de bijtjes met hun vleugeltjes, zodat er warme wind ontstaat. Daardoor droogt de nectar uit en wordt het honing. De bijtjes sluiten dan elk celletje af met een dekseltje in was, om de honing te bewaren tot wanneer ze die nodig hebben.
Stuifmeel vindt je ook in de bloemen. Het is een soort fijn poeder dat heel voedzaam is. De bijtjes hebben overal kort haar staan op hun lijfjes. Wanneer ze zo helemaal in een bloempje kruipen, dan blijft dat fijn poeder in hun haar hangen. Met hun pootjes vegen ze dat poeder een beetje samen en kauwen erop zodat het een korreltje wordt. Ze houden die korreltjes tijdens het terugvliegen in een speciaal plaatsje aan hun achterpootjes vast, zodat het niet verloren gaat. Als ze terug komen in de kast wordt ook het stuifmeel in de celletjes gestopt.
Water hebben de bijtjes ook nodig. Dat zuigen ze, net als de nectar, gewoon op en brengen het naar de kast. Dat doen ze onder meer als het te warm wordt in hun kast. Ze verdampen het frisse water, door opnieuw met hun vleugeltjes te klapperen en dan wordt het wat koeler in de kast.
Bijenbrood. De bijtjes zelf eten veel honing en stuifmeel om sterk te zijn voor hun vele werk. Soms vliegen ze tot 10 keer per dag heen en terug en bezoeken op deze vluchten elke keer honderden bloemen.
Ook de jonge bijtjes worden goed gevoed. Zij krijgen een papje van nectar, water en stuifmeel om snel te groeien en sterk te worden. Dat papje heten we “bijenbrood”.
Ook propolis wordt door de bijen verzameld.
Dit is een geurige en kleverige stof.
Ze komt voor op de bladknoppen van sommige bomen. Net zoals bij stuifmeel, wordt ook het propolis in de achterpootjes samengebracht tot korrels.
Bijen hebben niet graag tocht en warmteverlies in hun kast.
Propolis wordt dan ook gebruikt om alle kieren en spleten van hun kast dicht te metselen. Ook om de raten goed vast te zetten in de kast gebruiken de bijen propolis.
|